• Tien tips-3: Taille directe in steen

    Tien tips voor beginnende beeldhouwers in steen-3: Taille directe

    volumes hakken in taille directe in steen
    begin met de grote volumes te hakken. Detaillering is nog niet belangrijk

    Taille directe is een Franse term voor gewoon de beitel en hamer pakken en beginnen te hakken. Het proces is simpel genoeg, maar toch heeft het zijn haken en ogen, want taille directe betekent ook zoeken in de steen

    Het belangrijkste dat je merkt bij hakken in taille directe (letterlijk: rechtstreeks hakken) is dat het zoeken naar de juiste vorm heel veel concentratie en dus energie vraagt, maar ook dat je er enorm veel ervan leert. Het is een intensief proces. Bijvoorbeeld een hoofd hakken valt nog niet mee: wat maakt een mond, een oog, een neus, en hoe verhouden die zich tot elkaar, wat zijn de onderlinge hoeken van de wangen, het voorhoofd, de kin, etc. etc. En als je ergens wat verandert, beïnvloedt dat alle andere onderdelen. Soms merk je dat je de goede kant op gaat, maar ontdek je dat je nu ergens anders weer een hoop moet doen, en soms zul je ontdekken dat het er niet beter op geworden is. (lees hier verder over de uitdagingen van taille directe)

    Hoeveel ik er ook van hou om al hakkende mijn weg door de steen te zoeken, het is niet altijd de handigste manier van werken, vooral bij een groot werkstuk. Het voordeel van taille directe is dat je gedachten over de vorm meegroeien met de vorm zelf, en dat je misschien wat rechtstreekser werkt. Af en toe word je door een ‘foutje’ gedwongen je gedachten te verzetten, en naast dat dit je leert flexibel en inventief te zijn, kan het soms onverwacht iets positiefs opleveren. Het nadeel is dat het een heel tijdrovende manier van werken kan zijn, vooral bij ingewikkeld werk. Je bent steeds bezig oplossingen te vinden, en in steen valt dat niet mee. Een ander nadeel is dat een echte fout in steen onherstelbaar is. (…lees hier verder over taille indirecte, waarbij je uitgaat van een exact model)

    Tips voor taille directe in steen

    Klik hier voor de eerste tien tips voor beginnende beeldhouwers in steen: techniek.
    Klik hier voor de tweede tien tips voor beginnende beeldhouwers in steen: meten.

    1. Je kunt je laten leiden door de vorm van de steen of door een (klei)schetsje. Bij een ruwe steen kun je soms al een idee krijgen van wat je gaat maken door de vorm van de steen zelf. Maar een voorgezaagd blok heeft dat voordeel niet, en dan kun je hetzelfde doen met een stuk klei, zoals ik ook al uitlegde in de eerste tien tips: neem een homp klei, doe je ogen dicht, knijp erin en kijk waar het op lijkt.

    4. Ontwerp de voetplaat samen met het beeld. Veel mensen, en dat deed ik zelf ook in het begin, maken een mooie vorm van hun stuk steen, en werken het helemaal af om vervolgens tot de conclusie te komen dat ze nog een sokkel moeten maken en het beeld met een pen erop vast moeten zetten. Ontwerp daarom je beeld met een ondergrond eraan vast waar deze op kan staan. Het lost ook een heleboel andere problemen op zoals kwetsbare pootjes die uitsteken. Vaak werkt het optisch heel goed als de grondplaat een stukje kleiner is dan je eigenlijke beeld.

    2. Bewaar taille directe voor eenvoudigere ontwerpen. Bij echt heel ingewikkeld, anatomisch exact of precies werk dat je kunnen op de proef stelt is het handiger om van een geboetseerd ontwerp uit te gaan, of van een afgietsel van je ontwerp (taille indirecte). Anders loop je de kans om iets te voltooien dat niet naar je zin is.

    Taille directe in steen: twee eekhoorns in rode Bentheimer zandsteen
    als je een voetplaat aan je beeld vast maakt, dan scheelt dat heel wat kopzorgen.

    3. Als je al weet wat het gaat worden, maak een ruwe steen dan eerst aan de onderkant vlak.

    Het is natuurlijk lastig om te werken als je blok alle kanten op rolt, en je hebt dan ook slecht zicht op je ontwerp. Zet de steen in de juiste stand op een vlakke ondergrond, neem een passer en meet daarmee het hoogste punt waar materiaal ontbreekt. Nu kun je met de passer rondom op je steen een hoogtelijn afschrijven.

    Een andere mogelijkheid is om dit met een blokje of plankje hout en een potlood te doen. Als je alle materiaal buiten de lijn weghakt, dan heb je een strak ondervlak.

    5. Teken op de steen wat je wilt gaan maken, en blijf veel tekenen tijdens het hakken. Zo blijf je met jezelf communiceren tijdens het werken en houd je goed zicht op je ontwerp. Je kunt met potlood tekenen, en vetkrijt gaat ook goed maar is lastiger te wissen. In het begin, als je met een puntbeitel en een hamer veel hard gaat slaan, is het handig om je beeld niet te hoog te zetten, dat werkt prettiger. Naarmate je fijner gaat werken heb je beter zicht nodig op je werk, dus zorg dan dat het hoger staat, liefst op ooghoogte.

    6. Zoek eerst de grote vorm op.
    Het is meestal handiger als je nog niet met detailleren aan de ene kant begint terwijl de andere kant nog helemaal onbewerkt is. Als je eerst je hele beeld voorhakt, dan heb je beter zicht op hoe alles zich tot elkaar verhoudt. Blijf draaien en tekenen, bewerk alle zijden, en houd het in dit stadium nog ruw.

    7. Hak de gaten nog niet in het begin.
    Dit is echt een hele lastige voor veel mensen, omdat bij veel ontwerpen de gaten helpen om beter aan te geven waar alles zit. Stel je voor, je maakt een mensfiguur op handen en knieën (ik noem maar wat). Je zou de neiging hebben om al heel snel de opening onder de buik erin te maken. Dat is nou net niet wat je zou moeten doen. Daarmee neem je heel veel van je speelruimte weg, en kun je jezelf aardig in de problemen werken. Probeer dat gat zo lang mogelijk dicht te houden, en geef met een haklijntje aan waar jij denkt dat het gat later zal komen. Als je daardoor geen goed zicht op de verhoudingen hebt, dan kun je die plek eventueel zwart kleuren met potlood. Als je nu de armen of benen of de buik verder naar binnen wilt maken, dan heb je daar altijd nog materiaal voor zitten.

    wapensteen met familiewapen, wapenreliëf in steen
    zo werken dat de onderdelen altijd nog verder naar achter gelegd kunnen worden

    8. Bouw foutmarges in. Dat wil zeggen dat je het werk zo hakt, dat je bij een fout altijd nog het vlak verder naar binnen kunt leggen. Bijvoorbeeld bij een reliëf zul je pas op het eind, als alles goed op zijn plek staat, de ondersnijdingen gaan hakken die voor een goede schaduwwerking zorgen. Bij een beeld van een dier of mens hak je de poten, armen of benen zo dat ze altijd nog meer naar binnen gelegd kunnen worden als het niet goed zit. Pas als alles goed op zijn plek is, begin je met het openen van de tussenruimtes.

    9. Bewaar het polijsten voor het laatst. Dit lijkt een open deur, maar er zijn genoeg mensen die in hun enthousiasme al beginnen met een deel te polijsten terwijl ze nog niet weten wat ze met de rest aan gaan vangen. Soms kom je er dan achter dat je een stuk weer helemaal opnieuw moet weghakken….

    10. Kijk met een frisse blik naar je eigen werk. Zoekend hakken in de steen kan een heel intensief proces zijn, en soms word je doodmoe van de concentratie. Af en toe zul je niet meer zien hoe je nu verder moet, dus is mijn laatste tip: stop op tijd, en als je er later, of op een andere dag opnieuw naar kijkt, zie je opeens weer hoe je verder moet. Dat ‘met een frisse blik naar je werkstuk kijken’ kun je overigens ook bereiken met een simpele spiegel. Soms heb je het gevoel dat er iets niet klopt, maar je weet niet wat. Iemand anders ziet het vaak wel, maar jijzelf niet omdat je er al zo lang tegenaan kijkt. Door er via een spiegel naar te kijken bezie je je eigen werk weer met een nieuwe blik, en merk je weer dingen die je eerder niet zag.

    Let op: ik heb het zo druk met dingen maken dat ik zelf geen cursussen of andere lessen geef. Het heeft dan ook geen zin om hierover te bellen of te emailen.

    Lees verder…

  • Tien tips-2: van ontwerp naar steen

    Tien tips voor beginnende beeldhouwers-2: van ontwerp naar steen

    14072014229
    stenen beeld in wording en model. klik op de foto voor de link naar het eerste artikel over dit beeld

    Klik hier voor de eerste tien tips voor beginnende beeldhouwers in steen.

    Lezers van mijn blog weten het misschien al: ik heb een hekel aan meten. Met meten bedoel ik dan met een duimstok of een rolmaat een afstand opmeten, dat onthouden en reproduceren op het blok steen.

    Ik hou er echt niet van om getallen te moeten onthouden. Dat kan anders
    Ik hou er echt niet van om getallen te moeten onthouden. Dat kan anders

    Ik raak dan gauw in de war, moet mijn hoofd er heel erg bij houden en ben soms het getal alweer vergeten als ik bij mijn blok steen sta. Dat moet anders kunnen. Hier een paar tips om maten simpel over te zetten van model naar blok, zonder getallen. Als je geïnteresseerd bent in het vergroten van je ontwerp, dan zul je nog even moeten wachten, want daar komt later een vervolgartikel over.

    1. Een contourmal maken. Neem een stuk karton (ik ben dol op stucloper voor stucadoors, dat kun je in grote rollen bij de bouwmarkt halen, liefst witte), en trek de zijcontouren van je model daarop over. Dat gaat het best als je je ontwerp op een grote vlakke plaat hout kunt leggen en met een winkelhaak precies loodrecht naar beneden kunt afschrijven hoe groot je model is. Knip de contourmal uit, leg die op je steen en teken deze aan weerszijden van je blok af. Als je alles buiten de lijnen strak weghakt, krijg je een plat, ‘uit-gefiguurzaagd’ beeld. Zie hier een voorbeeld van deze werkwijze, en hier een filmpje waarin het wordt voorgedaan. Maak ook een contourmal van het vooraanzicht en probeer die ook zo goed mogelijk over te zetten op je steen, en hak ook deze uit. Nu heb je al vier zijden van je beeld bepaald, en kun je met afronden al heel dicht in de buurt van je model komen.

    Tips voor beginnende beeldhouwers-2: van model naar beeld in steen

    2. Zet je model strak naast je steen. Hoe dichter het model naast je werk staat, hoe makkelijker het is om te vergelijken en de verschillen te zien. Soms zie ik beeldhouwers die een beeld nahakken terwijl ze met hun rug naar het origineel staan. Kennelijk lukt het hun wel, maar ik zou zelf niet prettig kunnen werken zo.

    3. Zoek de grote vorm eerst op, en maak je niet druk om holtes. Voor een beginnende beeldhouwer kan een ingewikkeld werkstuk nogal onoverzichtelijk zijn, met al die uitstekende delen en gaten en kuilen. Als je door de bomen het bos niet ziet, kan het handig zijn om gewoon met een stuk klei de gaten dicht te stoppen. Dan zie je in één klap wat de grote vorm van het beeld is, en kun je je veel makkelijker op de grote lijnen van het voorhakken richten. Je maakt minder fouten omdat je niet afgeleid wordt door teveel informatie. Als je later meer ervaring krijgt, kun je die vertaalslag in je hoofd maken.

    Tips voor beginnende beeldhouwers-2: Gebruik een steekpasser

    4. Gebruik een lat om te meten. Zet een lat tegen je model aan en zet daarop een streepje bij iedere belangrijke maat. Als je dan die stok tegen je steen houdt, kun je in één keer al die maten zonder getallen overnemen.

    5. Gebruik een passer. Met een (steek)passer kun je ook makkelijk maten opmeten die dieper in je model liggen, zonder getallen te moeten onthouden.

    Tips voor beginnende beeldhouwers-2: meten met een krompasser

    6. Gebruik een krompasser. Met een krompasser kun je dikte- en breedtematen opmeten en zo controleren of je al in de buurt van de juiste maten komt.

    7. Gebruik een kistje. Timmer 2x een half kistje van multiplex, met alleen een bodem, 1 zijwand en de achterwand. Zet zowel je model als je blok steen in zo’n kistje, en zorg dat ze niet kunnen verschuiven. Zo kun je vanaf de vaste vlakken drie dimensies opmeten: de hoogte, de breedte en de diepte.

    8. Teken een raster op je model en neem dezelfde rastermaat over op je steen. Dit is eigenlijk een methode om te vergroten, maar het kan ook voor een-op-een. Ik vind dit eigenlijk nogal omslachtig, maar het wordt goed uitgelegd in dit boek: Het complete beeldhouwboek.

    punteerapparaat

    9. Gebruik een punteerapparaat. Een punteerapparaat is een hulpmiddel om zeer nauwgezet allerlei meetpunten over te nemen van je model op je blok steen. Het is ook een erg duur apparaat, en vooral iets voor heel ingewikkeld beeldhouwwerk. Lees hier een bericht over de werking.

    10. Gebruik je beeld zelf voor de maatvoering! Als je je model en je stenen beeld strak tegen elkaar aan zet, is de breedtemaat steeds hetzelfde. Eén keer je passer op de juiste breedtemaat instellen betekent dat je alle breedtematen met dezelfde passerinstelling kunt overnemen. Hoe werkt dat? Stel: je blok is 30 cm breed, en je model is 29 cm breed. Als je ze nu met een halve centimeter uiteen naast elkaar plaatst en je neemt met je passer de maat van je blokbreedte, dan kun je alle breedtematen heel eenvoudig aftekenen door je passer bij je model te plaatsen en aan de andere kant op je blok een streepje te zetten. Zie voor deze werkwijze nogmaals het filmpje in dit blogbericht. Voor de andere zijden kun je eenvoudig je model en beeld in een andere stand tegen elkaar aan zetten.

    Bonus- de elfde tip: 11. Blijf vooral veel tekenen tijdens het werken!
    Af en toe zul je de lijnen weer weghakken, of vervagen ze, maar als je blijft tekenen op je blok steen, met potlood of vetkrijt of zelfs een markeerstift, zal dat je veel houvast geven om te weten wat moet blijven staan en wat weg moet.

    Let op: ik heb het zo druk met dingen maken dat ik zelf geen cursussen of andere lessen geef. Het heeft dan ook geen zin om hierover te bellen of te emailen.

    Ga verder naar de volgende tien tips.

Geen berichten meer om te tonen.

Geen berichten meer om te tonen.