Afgelopen week heb ik weer een luchtboogbeeld afgerond, een fluitiste uit de reeks Muzikanten van boog 14 deze keer. Ik had het beeld al een hele tijd geleden voorgezaagd, maar nu een aantal projecten afgerond was kon ik met dit beeld aan de slag. Rond diezelfde tijd kwam een groep bezoekers naar de beeldhouwerij. Deze mensen hadden een oud luchtboogbeeld uit deze beeldenreeks gekocht en wij gaven een rondleiding en uitleg over ons werk, zoals hieronder te zien in een kort filmpje en foto.
Koen, Jelle, klant en Stide bij luchtboogbeelden van Jelle
Het volgende luchtboogbeeld van boog 24 van de Eusebiuskerk in Arnhem was me niet helemaal duidelijk. We hebben alle zeven zonden voorbij zien komen, behalve de Luiheid, ook wel ledigheid, gemakzucht of traagheid genoemd, dus dit moest hem dan worden.
Alleen snap ik niet goed hoe de beeldhouwer dit bedoeld had. Ik dacht dus ook eerst dat dit de Hoogmoed was, een dame met wellustig decolleté die hoog te paard zit. Of moet het een ezel voorstellen?
Dolce Far Niente
Misschien dat deze dame de doelloosheid van een rijke verveelde dame uitbeeldt, die nutteloos haar dagen slijt en de werkpaarden het werk laat doen? ‘Ledigheid is des duivels oorkussen,’ zei men vroeger al, al dacht ik altijd dat ze bedoelden dat je erg lenig moest zijn als je de duvel een zoen op zijn oor wilde geven. Deze dame is in ieder geval lenig genoeg!
Hoe het ook zij, ik heb het beeld gewoon gekopieerd. Al werkend merkte ik dat niet alleen de borsten overboord dreigen te hangen, maar zelfs de tepels zijn in beeld. ‘Het is zeker weer voedertijd’, merkte collega Stide op. ‘Hoezo?’ vroeg ik. ‘Nou,’ zei hij, ‘de biggetjes kijken al over de trog!’
Structuur
Het oude beeld had een sterk verweerd oppervlak, maar toch was er iets te zien dat de beeldhouwer iets van structuur had aangebracht en een dikke wollen jurk had gesuggereerd. Dat heb ik geprobeerd na te bootsen door eerst het paard en de jurk te boucharderen, en daarna met een spitsbeitel korte, ondiepe voren in de jurk te maken, waardoor een levendig oppervlak ontstaat.
Potjeslatijn
voorzagen van De Afgunst-stap 2
In een vorig bericht over deze luchtboog heb ik verteld over het thema dat deze beelden uitdragen: de zeven hoofdzonden. Elk beeld dat we tot dusver gehouwen hebben (en Jelle heeft er drie van de zeven gemaakt) heeft een Latijnse naam in het zijprofiel gekregen: Superbia voor de IJdelheid, Gula voor de Vraatzucht, Ira voor de Woede, Avaritia voor de Hebzucht, deze Luiheid of Ledigheid heet Acedia, en dan komt Stide straks nog met Luxuria voor de Wellust en Invidia voor de Afgunst. Die zijn inmiddels ook onderweg.
Een mysogyne beeldhouwer?
voorzagen van De Afgunst- stap 3
Een aantal dames heeft opgemerkt dat de vrouwen er nogal bekaaid afkomen in deze reeks, want eigenlijk is alleen de Woede een man. Dat druiste tegen hun rechtvaardigheidsgevoel in en sommigen kenden de beeldhouwer daarom een zeer negatieve kijk op vrouwen toe.
Maar ook van de komende reeks die de Deugden moet voorstellen is de meerderheid als vrouw weergegeven. De conclusie is duidelijk: Eduard van Kuilenburg, die in de jaren vijftig bijna alle luchtboogbeelden hakte, had geen moeite met vrouwen. Integendeel: hij maakte liever beelden van vrouwen dan van mannen. Dat zou verklaren waarom er zoveel vrouwen tussen deze beelden te vinden zijn.
Inmeten
het profiel leunt 5 graden naar links ten opzichte van het muurvlak en 61 graden neerwaarts