In Heemstede op het terrein van SEIN Expertisecentrum voor Epilepsie staat een bakstenen monument voor een van de eerste directeuren, Lambertus Zegers.
Verweerde baksteen en ontbrekend ornament
Het monument was sterk in verval. Het bezat ooit een waterspuwer, maar het was die in een ver verleden kwijtgeraakt en nu bleef er alleen nog een gat over dat herinnerde aan een keramisch ornament. Dit ornament was ooit gemaakt door de bekende keramist Willem Coenraad Brouwer, maar er was niet meer te achterhalen hoe het eruit heeft gezien.
In eerste instantie dacht ik aan een soort buldog met twee grote oren, maar uit de foto van de restanten bleek daarna dat dit niet kon kloppen.
Toen dacht ik aan een soort Indische draak of slangenkop, met de tong opzij eruit. Na wat zoeken trof ik een foto van een slangenkop die Brouwer had gemaakt voor de Van Karnebeekbron nabij het Vredespaleis in Den Haag, maar deze was heel gestileerd uitgevoerd. Dus ook deze kwam niet in aanmerking.
Galerij: toestand vóor restauratie en referentiemateriaal
Reconstructie begint voor mij altijd met oud fotomateriaal bekijken en bewerken. Maar helaas, de enige oude foto was zo korrelig dat ik er niet veel informatie uit kon halen. Met vergroten en verscherpen kwam ik ook niet veel verder.
Wat wel grappig was: ik voerde de oude foto in Grok AI in en vroeg of hij er iets van kon maken. Zie hiernaast het fraaie resultaat. Wat op de oude foto’s lijkt op twee grote oren blijkt dus achteraf gewoon een speling van de schaduwen over het monument geweest te zijn.
Boetseren
Dus na veel digitaal probeerwerk kwam het uiteindelijk neer op boetseren in klei. Ik had een ruw kleimodel gemaakt en de foto’s naar de klant gestuurd, maar het antwoord kwam terug dat het wat luchtiger mocht. Niet al te heftig dreigend.
Omdat ik op de oude foto’s iets van een draak meende te herkennen was ik begonnen met een slang of drakenkop, maar de tanden mochten weg en hij mocht wat korter en wat vriendelijker.
Ik was het er wel mee eens en begon aan een wat vrolijker kopje, met grote oren. Van deze tweede versie mochten de oren nog wat aangepast. De bolling moest eruit. Het was allemaal nog grof, maar het kwam in de buurt. De derde versie werd goedgekeurd.
Beginnen met beeldhouwen
Ik had een blok Obernkirchener zandsteen uitgekozen, omdat deze steen historisch gezien bij dit soort toepassingen hoort, goed tekent en heel weer- en waterbestendig is. Ik heb het niet zoals het origineel in keramiek uitgevoerd, omdat ik daar minder bekend mee ben, waardoor zandsteen voor de klant veel voordeliger is. Ook moet je dan rekening houden met krimp en is het voltooide werk veel kwetsbaarder.
Obernkirchener zandsteen is heel sterk materiaal, vandaar dat we het indertijd gekozen hebben voor onze griffioenen. Maar het eerste blok bleek een scheur te hebben en het tweede stuk vond ik te klein opgezet, zodat ik het uiteindelijk drie keer tot dit stadium heb gemaakt!
Schijnspuwer
Vroeger is het keramieken kopje een echte waterspuwer geweest. Nu echter is er voor gekozen om het monument droog te houden, omdat het veel vochtbelasting geeft op het metselwerk en omdat door de boomwortels van dikke beuken dichtbij het bassin alweer snel zou barsten. Vandaar ook dat deze waterspuwer geen waterspuwer is maar een schijnspuwer, het is maar dat je het weet.
Plaatsing
Toen het kopje klaar was ben ik naar Heemstede getogen. Klein beetje pech: zodra ik mijn haakse slijper aanzette vlogen de stoppen eruit en het water bleek ook niet toegankelijk. Maar gelukkig had ik water en handgereedschap bij me en het kwam allemaal goed. De klant had het voor me ingemeten en het klopte perfect, dus het klusje was snel gedaan. Nog even wat onkruid uit de plantenbakken, aanvegen, en het zag er allemaal weer netjes uit.
Verweren
EEN MAN VAN LIEFDE KRACHT EN GEBED – DOOR VRIENDEN OPGERICHT – 2 MAART 1929
Het monument staat onder de bomen en wordt sinds de restauratie al weer aardig groen. De restauratie was al een paar jaar geleden gedaan, met een nieuwe flagstone vloer erin, hersteld metselwerk en een mooi nieuw hek eromheen. Maar de kop ontbrak nog lange tijd omdat er nog een beeldhouwer gezocht werd. Ik moet kennelijk nog wat meer reclame maken of beter vindbaar zijn op internet.
Maar nu is het geheel compleet. De kop steekt er nog behoorlijk wit bij af, maar ook die zal snel bijkleuren bij de rest van het monument, totdat het lijkt alsof die er altijd al heeft gezeten. Het hangt er ook van af hoe nat het monument gewoonlijk is. De algen van de bomen zullen daar de komende herfst al behoorlijk aan gaan bijdragen.
Epilepsiecentrum
Al met al een leuke opdracht, en een prettig idee dat met mijn aanvulling het geheel weer compleet is, een monument voor een bevlogen arts ‘voor lijders aan vallende ziekte’. Het was een wel een vreemd idee om daar op het terrein van SEIN te werken. Mijn eigen dochter heeft epilepsie en heeft jaren bij een arts van SEIN gelopen. Het had weinig gescheeld of ze was een maand op dit terrein opgenomen geweest voor onderzoek. Maar wij wilden haar een maand van huis op haar 4e niet aandoen, dus dat ging niet door. Vreemd hoe dat soort lijntjes soms samenkomt.
Nu, terugkijkend naar al de zorgen, pijn en leed van al die mensen met epilepsie en van hun families, en ook ons eigen gezin, ben ik wel blij dat ik hier bij SEIN iets luchtigs mocht bijdragen. Zelf ben ik ook niet zo’n fan van heftige duivelskoppen en kan ik een kwinkslag in het beeldhouwwerk wel waarderen. Er is al serieuzigheid genoeg overal.
2019 was een leuk jaar! Ik heb weer van alles onder handen gehad, waarvan vooral veel ornamentwerk voor de Utrechtse Domkerk en de Eusebiuskerk in Arnhem. Tijd voor een jaaroverzicht 2019.
Blauwe sodaliet
Niet alles wat ik dit jaar gedaan heb is op mijn blog gepubliceerd. Zo heb ik een paar dingen voor andere beeldhouwers gedaan. Een daarvan was een groot beeld in blauwe sodaliet, van een gestileerde dame. Ik heb het gipsmodel in de nieuwe steen nagezaagd en vervolgens gehouwen en gepolijst. Dit materiaal is lastig te bewerken maar het heeft een overdonderende kleur. Ik weet zeker dat het op de juiste plek veel indruk gaat maken. Door al die levendige kleuren is het op mijn foto lastig om de vormen te zien, maar rechtop en bij het goede licht (niet onder mijn afdak met gedempt licht) zal het wel goed te herkennen zijn. Omdat het voor een andere beeldhouwer is gemaakt, heb ik er indertijd geen melding van gemaakt op dit blog. Ik heb in een blogbericht wel laten zien hoe ik het blok met een kettingzaag op maat heb gezaagd.
Holocaustmonument
Het inschilderen van details in de scheur
Ook een project voor een andere beeldhouwer was een klein klusje dat ik vorige week voor Gerard Overeem uitvoerde: het hakken van een scheur in een granieten Monument voor de Holocaust. De scheur staat voor het leed van de Jodenvervolging dat zijn sporen heeft nagelaten. Lees hier↑ het bijbehorende krantenartikel. In een eerder krantenartikel meer uitleg over het monument. Het wordt op 27 januari 2020 onthuld.
Thomas van Aquino
De kopie van het beeld van Thomas van Aquino was een project dat bijna dit hele jaar in beslag nam. In november 2018 kreeg ik het beeld binnen en begon ik met de reconstructie, in maart 2019 zaagde ik het blok Udelfanger zandsteen op maat en begon ik met het voorzagen. Ik begon ook enthousiast met het voorhakken van de twee delen en de stukken exact op elkaar passend te maken, maar er kwamen opeens allemaal opdrachten tussendoor voordat ik in oktober 2019 eindelijk het beeld kon afronden.
Paus Leo de Grote
Nadat ik dit beeld had afgeleverd kon ik meteen verder aan het volgende beeld voor de Sint-Janskathedraal: Paus Leo de Grote. Op dit moment ligt ook dit beeld even stil door een reis naar India, door het bovenstaande holocaustmonument en nog een opdracht van een Japanse Lantaarn. Maar ik kon de twee delen van het beeld nog wel helemaal voorzagen, zodat ik in het nieuwe jaar voortvarend van start kan. Ook dit beeld staat aan de noordzijde van de Sint-Janskathedraal in Den Bosch, en wel aan de linkerkant vanaf het beeld van Thomas dat ik hierboven noemde.
Een Japanse lantaarn
Het lijkt misschien of ik over deze twee beelden lang gedaan heb, maar dat is nog niets vergeleken bij de hekkensluiter van dit jaar. Voor de Japanse tuin van Landgoed Clingendael in Den Haag heb ik in mei 2017 al offerte uitgebracht, en pas nu komt het er echt van. Ik moest een gereconstrueerde kopie van een verweerde Japanse lantaarn hakken uit Beiers graniet. Ik ben inmiddels al aardig op weg, maar ik moet nog een gelobde voet hakken en daarna de detaillering nog met de klant afstemmen. Een blogbericht volgt!
Een marmeren vogelbad
Soms krijg je aparte opdrachten. Een klant had als jongen een vogelbad in de vorm van een eend geboetseerd en wilde deze nu in marmer in zijn tuin. Natuurlijk kan dat. Helaas was zijn kleimodel inmiddels gesneuveld, dus moest ik eerst een reconstructie maken. Hiernaast een foto halverwege het proces.
Pan in porfier… alweer?
Ik heb eind oktober nog twee dagen kunnen vinden om even wat werk te doen aan mijn beeld van Pan in rode porfier. Zoals je in mijn laatste bericht erover kunt lezen was ik net begonnen met voorhakken toen ik het aan de kant moest leggen. Dat was ruim anderhalf jaar geleden (maart 2018).
Maar ik moest het beeld ook deze keer al weer snel aan de kant zetten omdat ik met andere projecten aan de gang moest, zoals Paus Leo. Toch heb ik de bokkenpoten, het gezicht, de handen en de fluit er grofweg op kunnen zetten. Ik hoop dat ik in het komend jaar meer tijd kan vinden en het beeld zal kunnen afronden.
De Eusebiuskerk bevat allerlei beeldhouwwerk. De kwaliteit varieert van heel fijn uitgewerkt tot vrij primitief, en van uit de bouwtijd tot nu. Ergens in een zijbeuk van de kerk, helemaal bovenin, ontbrak een klein mannenkopje↑ in een rij van 9 vrij primitief gemaakte hoofdjes. Drie waren er nog uit de bouwtijd van de kerk, en drie uit de jaren zestig van de 20e eeuw. Ik mocht voor de ontbrekende plek een kopje maken. Als het er maar net zo primitief uitzag. Dat is nog best lastig! Iemand zei tegen me dat je eigenlijk aan een metselaar of een beginner zou moeten vragen om het te maken, dan zou je misschien de juiste sfeer treffen. Ik heb er maar een mannetje met een pagekopje van gemaakt.
Meer voor de Eusebiuskerk: Twee gigantische pinakels
Verreweg het meeste werk van dit jaar hebben we gehad aan ornamentwerk voor twee grote pinakels en omringend ornamentwerk van de noordbeuk van de Eusebiuskerk. Stide, Jelle, en ik, deels met ondersteuning door Serge, hebben er maanden werk aan gehad. We hebben voor deze noordbeuk ornamenten gehouwen in twee soorten rode zandsteen, in Udelfanger zandsteen en in Massangis kalksteen. Het was zoveel werk dat ik op het laatst toe was aan een geintje.
Toegegeven, het was maar een klein proefproject, en het grote werk aan de Domtoren moet er nog aankomen. Maar toen de steiger rond de toren er nog niet stond zijn Jelle en ik twee dagen alle 465 traptreden van de Domtoren op geklauterd met al onze gereedschappen, en hebben helemaal bovenin een paar ornamenten op proef gebeeldhouwd, zodat daar de vervolgaanpak op kan worden afgestemd. Gelukkig was het prachtig weer en hadden we een schitterend uitzicht.
Familiewapen in Udelfanger zandsteen
Voor de voorgevel van een boerderij in het oosten van het land maakte ik in oktober dit gevelsteentje met familiewapen, in Udelfanger zandsteen. Om het levendig te houden koos ik voor een barokke schildvorm, zodat het ook goed aftekent aan de gevel.
Maar het was niet alleen ornamenten wat de klok sloeg, ik had ook beeldhouwwerk onder handen. Voor de westgevel van de toren van de Eusebiuskerk mocht ik de grote kraagsteen met het beeld van De Nacht maken: een blote dame met een nest met uilen naast zich. Om het proces te versnellen heb ik deze en haar tegenhanger, De Dag, op mijn voorzaagmachine voorgezaagd. Het paste ook maar nèt: ik moest een aantal hoeken wegzagen, anders kon deze dame niet ronddraaien.
Luchtboogbeelden: Zeven Zonden
Het was vorig jaar en het jaar daarvoor een drukte van belang met luchtboogbeelden. Dat was dit jaar wat minder, omdat de ornamenten alle aandacht opeisten. We hadden maar één boog te gaan, met de Zeven Zonden erop afgebeeld. Jelle maakte de IJdelheid, de Vraatzucht en de Hebzucht, Stide kreeg De Afgunst en de Wellust, en ik maakte de laatste twee.
De Woede was een luchtboogbeeldje van een man met een vertrokken gezicht die een mes trekt. Hij zat er nogal primitief bij, in zijn berenvel. Als enige man onder de vrouwen had hij eigenlijk niet zoveel te klagen, maar hij was er duidelijk niet tevreden mee.
De Luiheid daarentegen, oftewel de Ledigheid, maakte zich minder druk. Ze zat een beetje achterover haar werkpaard te strelen in haar uitdagende jurk, en leek meer uit op haar eigen gemakzucht.
Een kei met huisnummers
Voor een pand in Amersfoort maakte ik van een grote zwerfkei van rood graniet een huisnummer. Misschien dat ik toch nog ooit de cijfers ga vergulden voor de duidelijkheid.
Een boom met keien
Voor hetzelfde pand werkte ik mee aan een kunstwerk voor de bewoners: voor elke bewoner maakte ik een roestvrijstalen boomblaadje met hun eigen kei erop, die verwerkt werden tot een grote boom. Het was een hoop werk om alles te zagen, buigen, lassen en lijmen, zeker als je niet zo toegerust bent voor metaalbewerking. Het was wel heel leuk om te maken. Schilderes Sandra Nanning veranderde het trappenhuis in een drie verdiepingen omvattende boom.
Een lepelaar uit Haarlem
Niet alle beeldhouwwerk dat vervangen moet worden is verweerd geraakt. Soms verdwijnt er beeldhouwwerk door verbouwingen en willen latere bewoners het toch weer op hun pand, en heel soms wordt er iets gestolen. Zo ook met een boeddhakop, een pelikaan en een lepelaar in Haarlem. Gelukkig werd de pelikaan weer teruggevonden. Van de lepelaar maakte ik na reconstructie een kopie, en Jelle nam de boeddhakop voor zijn rekening.
Een hoop werk voor collega’s
Zoals je misschien begrepen hebt, werk ik regelmatig samen met mijn collega’s Serge van Druten, Stide Vos en Jelle Steendam. Zij zijn net als ik alle drie zelfstandig ondernemers met een eenmanszaak. Alleen Jelle werkt op mijn eigen terrein; Stide heeft een eigen werkplaats naast mij en Serge 20 kilometer verderop. Ik vind het fijn om collega’s in de buurt te hebben en grotere opdrachten te kunnen delen.
Maar ik ben wel de enige met een eigen voorzaagmachine. Dat houdt in dat ik regelmatig het verzoek krijg om voor de anderen iets voor te zagen. Ook Jelle kan er goed mee overweg, dus die zaagt weleens voor mij en vooral voor zichzelf. Maar Jelle en ik hebben ook vaak genoeg beelden voor Stide en Serge voorgezaagd. Ook regel ik meestal de grote lijnen, de offertes en de verdeling van alle gezamenlijke projecten, zoals de Eusebius en de Domkerk.
Jelle werkt voornamelijk onder mij, maar hij neemt ook eigen werk aan (neem eens een kijkje op zijn website). Dus regelmatig schuif ik dingen naar hem door waar ik zelf niet aan toe kom. Soms doet hij er wat langer over dan ik zelf zou doen, dat komt omdat ik dit werk uiteraard al langer doe. Helaas hebben we in Nederland geen specifieke opleiding tot restauratiebeeldhouwer, dus is het werk zelf zijn opleiding. Zo heeft Jelle dit jaar bijvoorbeeld een aantal tuinornamenten hersteld.
Nieuw jaar: muzikanten en apostelen
Wat zit er komend jaar aan te komen? Het allerbelangrijkste in het vooruitzicht is al het ornamentwerk dat we nog gaan krijgen van de restauratie van de Domtoren in Utrecht. Balustradepinakels, waterspuwers en diverse ornamenten.
Dan krijgen we vooral ook nog boog 14 en 16 van de Eusebiuskerk in Arnhem. Boog 14 bestaat uit een groep van 7 muzikanten en boog 16 bevat een aantal apostelen. Het zijn de laatste beelden die beeldhouwer Eduard van Kuilenburg maakte voor de kerk, en we kunnen hierin een overgang zien naar een wat hoekigere stijl. Er waren indertijd bij de oplevering (rond 1956) al geschrokken vragen van het kerkbestuur over de ‘overvolle luchtbogen’ die dit opleverde, ondanks dat de blokmaat niet groter was dan die van de eerder gemaakte beeldengroepen rond het koor. De apostelen vooral hebben massieve vuisten en bonkige koppen. We zien er naar uit om ze in nieuwe steen te kopiëren (als je wilt weten waarom deze beelden vervangen worden: lees dit artikel over de Ettringer tufsteen↑ waarvan ze gemaakt zijn).
Kisten vol puin en nog meer beelden te gaan
Dat zijn dus veertien beelden voor boog 14 en 16, waarvoor we begin januari de nieuwe blokken steen verwachten. We hebben er al plek voor ingeruimd. Maar er staan nog 12 kisten in onze opslag en een partij losse stukken buiten op het terrein, die ook allemaal nog een keer aan de beurt komen.
Een deel van deze overige beelden is sterk verweerd omdat deze na het impregneerproces in stukken uiteen gevallen zijn, en ligt als een laag puin onderin de kisten. Het zal nog een interessant project zijn om deze te reconstrueren. Àls dat al gebeurt, want men beraadt zich momenteel over een alternatieve invulling van de lege plekken. Wij hebben in ieder geval al offerte gedaan. :)
Alle overige blogberichten van afgelopen jaar
Ik heb niet alles in dit jaaroverzicht 2019 vermeld. Zo heb ik twee blogberichten gedeeld over de komende restauratie van de Notre Dame de Paris, over hoe de computer een rol kan vervullen en over de aanpak en bijzonderheden van de restauratie. Op deel drie zullen jullie nog wat langer moeten wachten. Het lijkt net of ik het druk heb gehad met andere dingen.
En dan zijn er natuurlijk nog allerlei steigerbezoeken, offertebezoeken aan locaties en kleine klusjes tussendoor die de verslaggeving niet halen: oftewel, het was een druk jaar. Ik zie uit naar het komende jaar!
Ik wens jullie allemaal een heel goed, leerzaam en creatief Nieuw Jaar. Allemaal bedankt voor het volgen van dit blog!