• Twee griffioenen met groot barok schild in zandsteen

    vrouwelijke griffioen in zandsteen door Koen van Velzen

    Lang gewacht, stil gezwegen….

    Misschien weet je het nog, dat Jelle en ik bezig waren om twee grote griffioenen te maken? Nou, we zijn inmiddels een stuk verder hoor. De eerste griffioen is klaar, de tweede bijna, het eerste schild is af, de tweede komt eraan…. we hebben alleen veel vertraging opgelopen door die Domtoren die iedere keer zoveel haast had.

    Nu die is afgerond, hebben we ineens een stuk meer ruimte om lopende zaken af te handelen.

    Hoe pak je zo’n klus aan? Ik zal het met een stappenplan en een aantal links proberen uit te leggen.

    Modellen maken

    griffioen met schild ingang kasteel plastilinemodel
    schaalmodel in plastiline van de griffioen met het schild

    Na opdracht ben ik op zoek gegaan naar oud fotomateriaal van vóór de tweede wereldoorlog, want tijdens die oorlog is alles kapot geschoten. Maar op een website stond een aantal aardige plaatjes waar ik met veel bewerken wel wat informatie uit kon halen. Later, toen we bijna klaar waren, kwamen er nog haarscherpe foto’s uit het boek van de huishoudster, maar zo gaat dat. Toen ik de foto’s bewerkt had boetseerde ik een klein kleimodel. Vandaaruit dacht ik meteen in schuim te snijden, maar ik kreeg het niet naar mijn zin. Dat zou nu anders zijn, na alle tussenfasen ben ik heel vertrouwd met de vormen van deze beesten, maar toen nog niet. Omdat schuim niet ging, ben ik een groter model gaan boetseren in plastilineklei, die nooit uithardt. Na akkoord was er nog even sprake van om het in beton te laten gieten, maar gelukkig werd het steen.

    Kleimodel

    ons kleimodel voor de griffioen

    Jelle en ik boetseerden samen het model voor de griffioen op ware grootte en ik boetseerde een apart kleimodel voor het schild.

    Gipsmodellen

    Jelle maakt 1 van de 5 kappen aan in gips, over het kleimodel

    Daar maakten we vervolgens gipsafgietsels van en bestelden de steen. In dit geval werd het Obernkirchener zandsteen, vanwege de kleur, de weervastheid en omdat het zo sterk is, in verband met de dunne delen zoals de staart, de vleugels, de ene voorpoot en het schild.

    Contourzagen

    Jelle zaagt contouren van griffioen
    Jelle zaagt de contouren van zijn griffioen in steen

    Vervolgens zaagden we de gipsen griffioenen, de vleugels en het schild na met de contourzaagmachine. De staart maakte ik op het oog.

    Hakwerk Jelle en Koen aan de griffioen

    zandstenen griffioen met barok schild

    Toen begon het leuke werk: Jelle hakte de eerste griffioen en ik zou aan de volgende beginnen, maar helaas moest ik een nieuw blok steen bestellen vanwege een verborgen scheur. Nadat alles was voorgezaagd ben ik de tweede griffioen gaan hakken en verfijnen. Daarna heb ik voor de mijne de vleugels gehouwen en die elk met twee dikke rvs draadeinden van M20 vastgezet aan het lijf. Met gietmortel heb ik de minieme voegnaad aangegoten en met een passende restauratiemortel afgevoegd. Die komen er zomaar niet meer van af. Hetzelfde gebeurde met de staart. Jelle vordert met zijn versie.

    Mannetje en vrouwtje

    een vrouwelijke griffioen, hier nog zonder vleugels en staart

    Het leek ons deze keer wel aardig om, in tegenstelling tot de traditie en om aan te geven dat het hier 21e-eeuws werk betreft, twee verschillende griffioenen te maken. De originelen kwamen waarschijnlijk uit de werkplaats van Ernst March in Berlijn, en waren van keramiek. Daardoor waren ze waarschijnlijk helemaal identiek, op de voorstelling op het schild na, en de omgekeerde stand van de poten. In overleg met de klant zijn het een mannetjes-griffioen geworden en de mijne werd een vrouwtje, met een dubbele rij melkklieren. De tijden veranderen, nietwaar?

    Koen houwt het eerste schild

    houwen familiewapen op zandstenen griffioen met barok schild

    Dan was er nog het schild. Het was grof voorgezaagd en alle details van het eindresultaat waren niet zichtbaar. Nadat ik de grote vormen had bepaald, kon ik de randen en de details aanbrengen. Boven is nog een deel van de klauw te zien waarmee de griffioen het schild gaat vasthouden. Daarna is de achterzijde uitgehold tot een vrij dunne plaat en zijn de onderste krullen van het schild helemaal afgewerkt.Dankzij nieuwe foto’s kon ik nog getrouwer de oude details terugbrengen. Obernkirchener zandsteen is best een lastige steen. Het werkt je eigenlijk bij elke stap tegen tijdens het houwen. Het is taai en je trekt makkelijk ongewenste kuilen met je beitel, maar het resultaat is prachtig. Het is niet voor niets al eeuwen een zeer geliefd materiaal. Je moet je alleen wel beschermen met een luchtkap (de foto hiernaast was meer voor de show, normaal draag ik een helm met verselucht voorziening).

    Trapprofielen

    Tot slot heb ik nog tekeningen gemaakt van de trapprofielen waarop deze twee griffioenen komen te staan, zodat de restauratiestucadoor de trapwangen kan metselen en in de bijpassende vormen kan afwerken.

    Hoe nu verder?

    We moeten de laatste hand nog leggen aan 1 van de griffioenen, de vleugels en staart moeten namelijk nog verlijmd worden. Dan moet het tweede schild nog gehouwen worden (het is al voorgezaagd met de contourzaagmachine). Dit schild heeft een ander familiewapen erop, deze heeft wel 6 griffioenen erin verwerkt en drie helmen, plus de wapenspreuk ‘Cave Gryphem’ (pas op voor de griffioen). De graaf was vast heel erg blij met zijn waakhondjes.

    Galerij: het verloop van de werkzaamheden

    Tot slot zullen we alles nog aaneenpassen voordat we tot de daadwerkelijke installatie overgaan. Daarover later meer.

  • Vier geblakerde dolfijnen in nieuwe steen

    kopiëren van dolfijnen in zandsteen

    Vier klassieke dolfijnen in zandsteen

    beschadigde oude dolfijnen en nieuw steenhouwwerk

    Soms zijn er van die opdrachten waar ik een beetje tegenop zie, door de hoge kwaliteit werk die het vraagt. Ik zal eerlijk toegeven dat de volgende klus niet makkelijk was. Het betrof éen van de twee vroeg-20e-eeuwse ornamenten met dolfijnen die het gebouw van het Art’otel sierden aan de kant van de Prins Hendrikkade in Amsterdam, tegenover het Centraal Station. Op 13 januari 2020, inmiddels ruim een jaar geleden, ontstond daar een gaslek. De daarna ontstane brand krulde geruime tijd tegen de gevel van het hotel op en het vuur heeft vooral aan de natuursteen van het exterieur schade aangericht, waaronder aan dit ornament. In 2020 werd alle beschadigde natuursteen vervangen door Slotboom Steenhouwers BV in Winterswijk.

    Dolfijnen of gewoon vissen?

    fontein met dolfijnen Paleis Caserta

    Deze vormgeving is erg wijdverbreid. Zo kun je deze ‘dolfijnen’ bijvoorbeeld vinden langs de oevers van de Theems in Londen, in renaissance-beeldhouwwerk in Italië, op vazen, fonteinen en tuinbanken, en als waterspuwers boven een bassin, vijver of zwembad. Alleen lijken ze totaal niet op dolfijnen zoals wij ze kennen, maar meer op vissen. Ze hebben grote bolle ogen, dikke lippen, kieuwen en fladderige vinnen en een duidelijke vissenstaart. Terwijl dolfijnen natuurlijk gladde zoogdieren zijn zonder veel franje.

    Na wat zoeken op het interweb kwam ik erachter dat al sinds Romeinse tijden dolfijnen zo afschrikwekkend worden afgebeeld (de oude Grieken kwamen een stuk dichter in de buurt), maar niemand weet waarom. Er is wel een interessant en amusant artikel over geschreven, door Donna Zuckerberg↑ (engelstalig), maar ook dat biedt geen goede verklaring. Misschien is de eigenlijke reden wel dat het op deze manier een stuk interessanter is om te schilderen en te beeldhouwen? Dolfijnen zijn wezens met een behoorlijk hoog bewustzijn. Misschien geldt hier hetzelfde als nu ook speelt: demoniseer het goede, beeld het af als slecht en creëer daarmee zoveel verwarring dat je zelf je voordeel kunt doen met de ontstane angst.

    Anders aanpakken dan gewoonlijk

    blok steen voor dolfijnen, overbodige massa verwijderen

    Ik kreeg ergens in december 2020 van de steenhouwerij een groot blok geprofileerde zandsteen binnen, waaruit ik een kopie moest hakken van de dolfijnen. Dit blok was gemaakt  uit Poolse Rákowicz zandsteen. Rákowicz is vergelijkbaar met Bentheimer zandsteen, maar voordeliger. Dit was een uitzonderlijk mooi dicht en homogeen stuk, hoewel het een paar okerkleurige vegen bevatte.

    Normaal zet ik zo’n oud beeld op de voorzaagmachine en begin dan vanaf de gezaagde kopie te detailleren. Maar deze dolfijnen misten allerlei delen, en dan met name de staarten. Daarbij is het klein en zeer gedetailleerd. Ik kwam al snel tot de conclusie dat voorzagen niet zou gaan. Ik had graag het broertje van dit ornament erbij gehad, dat nog wel intact was omdat het een aantal meter verderop aan de gevel stond. Dat had het kopiëren een stuk makkelijker gemaakt. Maar ik was te laat erbij betrokken en dit was nu niet meer mogelijk.

    Stap voor stap punteren

    beginnen met punteren

    De oplossing werd om het op de klassieke manier aan te pakken. Ik zou de dolfijnen puntje voor puntje gaan opmeten en kopiëren met een punteerapparaat. Dit is iets wat ik bij voorkeur wil vermijden omdat het een tergend langzaam proces is, en zoals je inmiddels misschien weet heb ik een hekel aan meten en hou ik van opschieten. Maar deze keer was er geen ontkomen aan: ik kon geen grote vormen ontdekken die me zouden helpen om het beeld op het oog te hakken of met slechts een paar ruwe metingen.  Ik heb het originele beeld nog dichtgesmeerd met klei, om te zien of er een eenvoudige hoofdvorm overbleef waarbinnen de meest uitstekende delen vielen, maar het bleef een lastige complexe vorm. Ik moest het wel gedetailleerd en stap voor stap gaan uitvoeren.

    Ik begon met het reconstrueren van de staarten in gewone boetseerklei. Een dikke pen in het beeld moest stevigheid geven voor het meetapparaat. Gewoonlijk maak je op het origineel en op het blok waaruit de kopie gemaakt moet worden een drietal basispunten vast, waarin je het kopieerkruis vasthaakt. Deze keer kon ik er geen schroeven in vastlijmen of gaatjes in boren, dus besloot ik rondom plankjes te klemmen waarin ik torx-schroeven kon draaien. In de torx-koppen pasten perfect de haken van het punteerkruis.

    Geduldwerkje

    Het nieuwe blok met het steenhouwwerk dat ik van de steenhouwerij gekregen had was veel te groot, zodat ik eerst begonnen ben om maar eens de overtollige massa weg te zagen. Dat kon ik met passers wel opmeten. Daarna begon het punteren van de dolfijnen, waarbij je altijd eerst de hoogste punten uitwerkt, en dan de tussenliggende delen gaat vormgeven. Het is niet echt moeilijk werk: je moet gewoon geduldig het punteerapparaat blijven instellen, checken of elke vleugelmoer goed is aangedraaid en de naald terugschuiven, dan het punteerkruis overzetten naar het blok nieuwe steen en daar net zo lang boren en hakken totdat je exact 1 punt hebt aangegeven. Ad infinitum. Het nadeel van deze methode is dat het erg lang duurt voordat de vormen inzichtelijk beginnen te worden. Het is vrij dom werk eigenlijk. En ook traag werk. Maar na een paar weken punteren stonden de details er allemaal op en kon ik het gevreesde apparaat terzijde leggen.

    Ik had tussendoor nog allemaal andere opdrachten lopen, zoals het graf van mijn vader, de hoekstenen van de Latijnse School in Nijmegen en weer nieuwe kantbloemen voor de Domtoren in Utrecht. Gelukkig maar, want punteren is niet mijn lievelingswerk.

    Op het oog uitwerken

    de beeldhouwer bindt het beeldhouwwerk vast op de pallet

    Gelukkig komt er altijd een punt waarop de beeldhouwer genoeg houvast heeft aan alle opgemeten punten om de details op het oog uit te werken. Ik hou ervan om bij dit soort werken een doorzichtig plastic sjabloontje te trekken van de belangrijkste lijnen, zodat ik heel snel vanuit de grove vorm naar een beeldhouwwerk kan komen door deze lijnen over te trekken op mijn kopie. Daarna was het nog slechts een kwestie van op het oog nahakken van de originele dolfijnen. De staarten kon ik maken aan de hand van foto’s. Mijn geboetseerde staarten had ik bewust heel grof gelaten, omdat ik het makkelijker vind om dat in de steen uit te werken dan dagen zitten priegelen in de klei. Als ik maar weet hoe groot de massa’s moeten worden, dan heb ik genoeg om vanuit te gaan. Met wat maten die de steenhouwers me verschaft hadden vanaf het andere origineel dat nog op het Art’otel stond, kon ik goed uit de voeten om een behoorlijke kopie te maken. De afwerking van het hele ornament was uitgevoerd met een smal tandijzer, en dat heb ik ook in de kopie teruggebracht.

    vier klassieke dolfijnen in zandsteen

    Conclusie

    punteerproces

    Ik had erg opgezien tegen dit werk omdat het best complex is, en omdat dit oude beeldhouwwerk met veel flair en vakmanschap gemaakt is. Ik dacht dat ik er nog een harde dobber aan zou krijgen om dit niveau te benaderen. Het viel uiteindelijk gelukkig allemaal heel erg mee, want wat eerst heel lastig is wordt door het eenvoudige punteerproces een heel stuk makkelijker. Dat is ook de reden dat bijvoorbeeld in Italië vaak dit simpelere werk wordt overgelaten aan de mindere beeldhouwers. Het echte vakwerk doen dan de meester-artigiani, die bijvoorbeeld de gezichten, haren, handen en andere details kunnen vormgeven op een niveau waar de gewone uitvoerder niet aan kan tippen. Voor mij betekende het punteerapparaat in dit geval een handig maar saai hulpmiddel. Het was me eens te meer duidelijk waarom ik zo blij ben met die kopieerzaagmachine. Stel je voor dat we alle 83 (tot dusver) luchtboogbeelden van de Eusebiuskerk helemaal hadden moeten punteren, of Thomas van Aquino en Paus Leo de Grote… dan staat er ook wel een heel ander prijskaartje voor een beeld, omdat we het nooit zo vlot hadden kunnen maken op die manier.

    Snelheid en prijs bepalend

    Het punteerapparaat is behoorlijk nauwkeurig, maar het is dus een langzaam proces, wat voor het meeste werk dat wij doen zou betekenen dat het allemaal veel te kostbaar zou worden. Dat is waarschijnlijk ook de reden dat er steeds meer wordt gewerkt met robots die het beeldhouwwerk voorfrezen. Het nadeel daarvan is weer dat er vakkennis verloren gaat en dat het werk niet heel erg interessant wordt als je steeds alleen maar hoeft af te werken wat een robot tot in de puntjes al heeft voorgefreesd. Maar meestal is dat voor de meeste projecten niet het belangrijkste punt: het draait er steeds weer op uit dat het uiteindelijk toch vooral om de kostprijs gaat.

    Galerij

    Klik op de foto’s voor een versie op volledig formaat.

Geen berichten meer om te tonen.

Geen berichten meer om te tonen.