• Een Eekhoorn met lange poten (luchtboogbeeld)

    Het laatste luchtboogbeeldje van luchtboog 5 van de Eusebiuskerk in Arnhem was deze Eekhoorn. Ik heb de afgelopen weken alle resterende blokken steen van luchtboog 5 en 4 voorgezaagd, dus kan ik nu vlot de beelden gaan hakken.

    beeldhouwerij van Velzen rond Kerst 2017
    De beeldhouwerij rond de Kerstdagen

    Dit beeldje had weinig opmerkelijks, maar wel een mooie grof gehakte staart, een stuk boomstam waar hij op leunde en hele lange achterpoten.

    Het eerste dat ik aanpak is vaak het geprofileerde steenhouwwerk onderaan
    oud tufstenen luchtboogbeeld Eekhoorn
    oude Eekhoorn, tufsteen

    Dat stuk boomstam heeft de beeldhouwer laten zitten omdat een losse eekhoorn meteen zou afbreken bij de pootjes. In deze stand tenminste; ik heb al eens laten zien dat het ook anders valt op te lossen. De lange achterpoten snap ik niet helemaal, maar dat is waarschijnlijk de dichterlijke vrijheid van de oorspronkelijke vormgever.

    Nieuwe Eekhoorn, muschelkalk
    Nieuw, muschelkalk

    Ik heb zo goed mogelijk de vormgeving en afwerking van het originele luchtboogbeeldje nagemaakt, maar met een andere steensoort en werkwijze is het effect toch altijd een beetje anders. Toch is de sfeer van het oude beeldje behoorlijk bewaard gebleven.

    Lees hier een bericht over Twee Eekhoorns in rode zandsteen.
    Naar het volgende luchtboogbeeld.

  • Vier grotesken in Amsterdam-1

    Reconstrueren en kopiëren

    Vier grotesken in Amsterdam, leeuwenkop 1, verweerd

    Voor een pand in Amsterdam heb ik momenteel vier grotesken onderhanden: woeste koppen van zandsteen. Ze zijn alle vier sterk beschadigd, wat dan ook de reden was om te kiezen voor vervanging.

    De gedachte erachter is dat nu nog een reconstructie te maken valt, en dat de restanten bewaard kunnen blijven. Met de nieuwe koppen in de gevel is er straks nog iets te zien voor het nageslacht. Dit is typisch een opdracht waar een restauratiebeeldhouwer bij uitstek geschikt voor is. Alternatieven zoals bijvoorbeeld impregneren met acrylhars, een afgietsel maken of een 3d-print ervan maken, leveren nog steeds een incompleet beeld op van een beschadigd origineel. Het reconstrueren is daarom een wezenlijk onderdeel van het kopiëren.

    Plaatjesarchief

    Vier grotesken in Amsterdam, grotesk 2, verweerd

    In deze gevallen moet ik dus eerst zien te achterhalen wat er gezeten heeft en dat terugbrengen in de kopie. Met een zachtblijvende kunstklei die ik makkelijk weer kan verwijderen boetseer ik de ontbrekende onderdelen weer op. Hierbij heb ik referentiemateriaal nodig, en de belangrijkste daarvan vormen natuurlijk de stukken die nog goed afleesbaar zijn aan de koppen zelf. Zo is er bijvoorbeeld een totaal verweerde leeuwenkop bij, maar omdat steeds wat aan de linkerkant verweerd is rechts nog gaaf is en andersom, hoef ik hier nauwelijks aan te boetseren. Ik kopieer gewoon eerst de ene helft en spiegel die dan aan de andere kant; zo kan ik een gave kopie hakken. De eerste kop miste echter de volledige onderkaak. Hij was al erg beschadigd, maar was zo bros dat bij het demonteren de onderste helft totaal verkruimelde. Bij het reconstrueren heb ik daarom gebruik gemaakt van plaatjesarchieven van vergelijkbare koppen: eentje in mijn hoofd, en eentje op foto’s. Ik heb eerder een blogartikel geschreven over hoe dat plaatjesarchief in je hoofd werkt, dat je hier kunt lezen: “Het beeld zit er al in, je hoeft alleen de rest weg te halen…” Van koppen die ik eerder gekopieerd heb herkende ik zo bijvoorbeeld de manier om de wenkbrauwen te hakken, of de wangetjes.

    Werkvolgorde

    Vier grotesken in Amsterdam, grotesk 3, verweerd

    Als ik eenmaal de vormen heb teruggevonden, volg ik de gebruikelijke methode om te kopiëren. Dat kan bijvoorbeeld met een punteerapparaat, maar in dit geval heb ik met een contourmal en een paar passers sneller de vorm weten te vinden. Het is uiteindelijk namelijk ook vaak een kwestie van kosten: met een punteerapparaat ben ik wel nauwkeuriger, maar het duurt allemaal erg veel langer. Ik moet ophangpunten maken, een punteerkruis timmeren, alles precies afstellen… tegen die tijd heb ik de helft van het voorhakken al klaar, als ik het anders aanpak. Daarom nam ik de contouren over op een stuk karton, die zette ik over op de nieuwe steen, en door de stukken naast elkaar te plaatsen kon ik snel de belangrijkste maten overnemen. Lees hier een bericht over kopieertechnieken. De koppen moesten in dezelfde steensoort gekopieerd worden: Udelfanger zandsteen. Door de steenhouwerij waren er al vier exact voorgezaagde blokken aangeleverd.

    Afwerking

    Vier grotesken in Amsterdam, originele grotesk 1, verweerd

    Deze koppen lijken wel strak gedetailleerd, maar ze zijn indertijd vrij grof met een tandijzer uitgehakt. Je kunt heel duidelijk de tandbeitelsporen nog zien zitten op het origineel. Dat betekent dat dit ook in de kopie moet terugkomen. Als ik ze zelf had ontworpen had ik waarschijnlijk alles helemaal fijn met een rasp afgewerkt. De beitelsporen geven het geheel echter wel een levendig karakter, dat vanaf de straat gezien helemaal niet overheerst: ze hangen immers op zo’n twaalf meter hoogte.

    Waarom grotesken?

    Mother Kali, removing evil inside us, standing on the body of Shiva

    Ik vroeg het me zelf al af, en het is ook precies de vraag die ik van bezoekers steeds krijg: ‘Waarom zou iemand in hemelsnaam zulke afschuwelijke koppen op zijn huis willen hebben?’ Als ik naar de betekenis van deze grotesken ga zoeken op internet vind ik er in eerste instantie niet veel over; de Duitse Wikipedia vermeldt wel de ‘Neidkopf‘, en beschrijft dat het bedoeld is om afgunst te weren. ‘Grotesk’ verwijst overigens naar het Itailaanse woord ‘grotta’, wat grot betekent. Het slaat op een bepaalde periode waarin het mode was om in je tuin een grot te hebben met allerlei fantastische en schrikwekkende afbeeldingen erin.

    We kennen ook wel de duiveltje op kerken en afschrikwekkende tempelwachters van hindoeïstisische en boeddhistische tempels. Kennelijk hebben die een functie om jaloezie en het boze oog buiten het gebouw te houden, maar intuïtief zou ik er zelf heel anders over denken. Ik zou liever mijn gebouw versieren met juist heel positieve en gelukbrengende symbolen en figuren, opdat niet alleen de bewoners ervan profiteren maar ook de omgeving. Duvels d’rop zetten lijkt vragen om problemen; het lijkt mij dat ze eerder onrust aantrekken dan afschrikken.

    Aan de andere kant was er de Indiase heilige Sri Ramakrishna Paramahamsa. Hij had een grote genegenheid voor een van de afgrijselijkste vormen van de Goddelijke Moeder: de godin Kali. Voor hem was zij, met een gordel van mensenarmen en een halsketting van schedels, degene die enerzijds meedogenloos alle negativiteit in hem uitroeide, en anderzijds de tederste moeder die hij zich kon wensen. Zo blijkt maar weer dat alles afhangt van ons eigen inzicht en perceptie.

    Restauratiearchitect: Bureau Delfgou
    Restauratiesteenhouwer: Slotboom Steenhouwers
    Lees verder…

Geen berichten meer om te tonen.

Geen berichten meer om te tonen.