Minervalaan deel 4: beeldhouwen

Nadat we ze hadden gereconstrueerd met gips, zouden we de acht beeldjes voor Minervalaan beeldhouwen in steen. Al snel kregen we de nieuwe steen binnen. Ik was niet betrokken bij de steenkeuze voor dit project, maar het werd Muschelkalksteen, een materiaal waar ik al heel goed mee bekend was sinds de luchtboogbeelden voor de Eusebiuskerk in Arnhem. Lees hier meer over deze beelden.
Contourzaagmachine

Als we gaan beeldhouwen in steen, zagen we gewoonlijk dit soort beelden eerst voor met de kopieerzaagmachine, en dat was ook hier niet anders. Deze machine is een handbediende zaagarm met een tastschijf, waarmee we de buitencontouren van een beeld vrij eenvoudig kunnen nazagen. Details kan deze machine niet zagen, want de zaagschijf is 400mm groot en hij komt niet in de diepere delen, zoals de binnenzijde van een arm. Toch bespaart dit enorm veel werk, want de grote massa van het beeldhouwwerk laat zich hiermee snel en zuiver verwijderen. Ik moet er niet aan denken dat ik alles met een haakse slijper moet wegzagen, of met een puntbeitel en hamer. Het weghalen is niet alleen het probleem, maar het houdt ook nog eens heel veel meetwerk in. En zagen met een haakse slijper is zwaar, stoffig en lawaaierig werk. Niet mijn hobby.
Frezen met de robot?
Je zou kunnen denken: dan pak je toch een CNC robot, die alles voorfreest? De computer is tegenwoordig het panacee voor alle problemen. Kunstenaar? Project? Vormgeving? Stap 1: de computer. Wat een verarming. Eer is zoveel mogelijk buiten de computer. Kijk eens bij oude ambachten. Daarbij heeft voor mij een robot voor mij meerdere nadelen. Ten eerste ben ik dan geen beeldhouwer meer, maar een computerprogrammeur. Het houdt ook in dat ik een behoorlijk pittige leercurve voor mijn kiezen krijg om alles onder de knie te krijgen: scannen, 3D-bewerking, toolpadinstructies, etc etc.
Storingen en duur
Ten tweede zijn deze machines erg prijzig en storingsgevoelig. Ze moeten worden terugverdiend, dus je gaat allerlei werk zoeken voor de machine, en dan ben je dus voor de machine aan het werk in plaats van andersom. Vervolgens maakt een strak voorgefreesd beeldhouwwerk het beeldhouwen in steen niet leuker. Het is erg saai om alleen maar de laatste millimeters een beetje af te raspen. De hele creativiteit raakt zoek.
Je moet ook ontzettend goed opletten bij het reconstrueren, want ergens een putje vergeten op te vullen op je verweerde originele beeld betekent dat deze ook terugkomt in het eindproduct. Hetzelfde geldt voor het digitale 3D-model: als daar ergens een gaatje over het hoofd wordt gezien, gaat de
freesmachine domweg het beeld voor je uithollen. Ten slotte is CNC met al zijn voorbereidingstijd lang niet altijd sneller dan gewoon handmatig. De winst ligt vooral bij seriewerk en heel ingewikkelde stukken. En juist dat komt bij ons eigenlijk heel weinig voor. Dus laat mij maar gewoon hakken. Wel fijn dat de contourzaag een hoop onnodige massa kan verwijderen.
Op z’n kop
Maar goed, we zaagden de beelden dus voor op de kopieerzaagmachine. Deze keer zetten we de beelden ondersteboven, omdat het voeteneind weinig draagvlak had, maar de bovenzijde wel. Maakt voor de machine niks uit. We zagen in drie gangen: eerst dikke plakken, ruim van de uiteindelijke ‘huid’ van het beeld af, dan plakken van 1 cm, dan een heel precieze freesgang, 3mm van het uiteindelijke oppervlak af. Als we dan echt gaan beeldhouwen in steen is er nog wat materiaal over voor de beitelslag.

Details houwen en meetwerk
Zoals gezegd komen details als ogen, neus en handen er niet op te staan, maar er is wel genoeg terug te vinden aan herkenningspunten waar een goede beeldhouwer vrij makkelijk het beeld mee kan nahakken. En dan is het een kwestie van kijken, vergelijken, meten met vooral passers, en de sfeer van het origineel erin terugbrengen.
Passers en sjablonen
Ik weet eigenlijk niet goed wat ik hierover zou moeten vertellen, behalve dan dat dit het meest intensieve deel van het werk is, en tegelijk ook het leukste. Je bent echt aan het beeldhouwen, het vormgeven. Met de combinatie van de beeldenzaagmachine en meten met passers en sjablonen kunnen we veel vlotter naar de uiteindelijke vorm van het beeldhouwwerk komen. Zo kunnen we ons al snel richten op de vormgeving, de expressie en de vormentaal van de beitelslagen.
Punteerapparaat
Traditioneel gebeurde het meetwerk met een zogeheten ‘punteerapparaat’, een scharnierend instrument van messing met een aanwijsnaald, waarmee je 1 punt heel precies kunt aanwijzen op je model, en als je dat hele geval overtilt naar je blok steen kun je daar heel exact dat ene punt op diepte boren. Ontzettend tijdrovend werk. Eigenlijk zijn die punteerapparaten de antieke versie van de robotfrees. Je moet heel goed opletten, maar echt inspirerend is het niet. Vandaar dat dit voorwerk vroeger door de mindere beeldhouwers gedaan werd. Lees hier een interessant artikel over dit apparaat en bekijk de video’s over de werking ervan.
Muschelkalk en lichtval
Al werkend werd ons weer eens duidelijk dat de steenkeuze een grote invloed heeft op de uitstraling van het beeld. De grote vormen van de figuren en met name de haarpartijen van de dames leende zich uitstekend voor deze grove Duitse Muschelkalk. Het beeldhouwwerk kreeg een mooie lichtval en toch was er wel goed detaillering in aan te brengen. Helaas is het onder het afdak, met de winddoeken rondom in de winter, vaak geen ideaal licht. Het wordt al gauw een beetje vlak als het licht gefilterd wordt door stof, acrylplaten en steigerdoek. Voor beoordeling en foto’s wijken we dan ook vaak uit naar het plein buiten het afdak. We waren heel benieuwd hoe het er op locatie uit zou zien!













































































































